Rb. Limburg 31 augustus 2022, ECLI:NL:RBLIM:2022:6684
Verdachte is schuldig aan een verkeersongeval in de zin van artikel 6 WVW 1994 waarbij een fietsster zwaar lichamelijk letsel opliep en haar passagier werd gedood. Verdachte heeft te hard gereden, onvoldoende snelheid geminderd en onvoldoende uitgeweken en was afgeleid door zijn radio. Verdachte is veroordeeld tot een gevangenisstraf voor de duur van 10 maanden waarvan 4 maanden voorwaardelijk met een proeftijd van 2 jaar. Daarnaast heeft de rechtbank aan de verdachte een rijontzegging voor de duur van 3 jaar waarvan 1 jaar voorwaardelijk met een proeftijd van 2 jaar opgelegd. De verdachte moet aan de moeder, de vader en het zusje van het dodelijk slachtoffer een schadevergoeding betalen.
De uitspraak op rechtspraak.nl