Rb. Limburg 7 juli 2022, ECLI:NL:RBLIM:2022:5138

De stichting is in redelijkheid niet tot haar besluit tot schorsing van een leerling van de basisschool kunnen komen. Vordering van de vader van de leerling om de schorsing in te trekken wordt dan ook toegewezen, waarbij de stichting wordt bevolen de leerling toe te laten. Het besluit tot schorsing beantwoordt immers niet aan de eisen van zorgvuldigheid; bovendien was de schorsing in strijd met de Wet op het primair onderwijs, waarin is bepaald dat een schorsing niet langer dan één week mag duren.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen