Rb. Limburg 10 maart 2021, ECLI:NL:RBLIM:2021:2207
Een consument koopt een scootmobiel en brengt deze op enig moment naar een reparateur. De consument koopt bij de reparateur een nieuwe scootmobiel en de oude blijft daar staan. In conventie wordt teruggave van de eerste scootmobiel gevorderd. Dit wordt afgewezen omdat de reparateur terecht een beroep op het retentierecht doet. Verder vordert de consument betaling van een aantal bedragen en stelt zij dat de scootmobiel non conform is. Ook deze vordering wordt afgewezen omdat niet vaststaat dat er noneconform is geleverd. In reconventie vordert de reparateur vergoeding van stallingskosten. De kantonrechter gaat voorbij aan het verweer dat er geen stallingsovereenkomst is gesloten. De vordering wordt gematigd omdat de reparateur niet schade beperkend heeft gehandeld.
De uitspraak op rechtspraak.nl