Rb. Limburg 16 februari 2021, ECLI:NL:RBLIM:2021:1326

Gegrondverklaring van beroep betreffende kwijtschelding van achterstallige betaling van eigen bijdrage op grond van de Wet langdurige zorg. De rechtbank beschouwt de weigering van kwijtschelding als onderdeel van het invorderingstraject en betrekt daarbij op grond van artikel 4:125 Awb ook de later tot stand gekomen betalingsregeling. Weliswaar is er ten tijde van belang geen expliciete wettelijke bevoegdheid om kwijtschelding te verlenen, maar verweerder heeft naar het oordeel van de rechtbank een zekere beleidsruimte bij het gebruik van de invorderingsbevoegdheid. Die ruimte kan mede worden benut door onder omstandigheden geheel of gedeeltelijk af te zien van invordering van een (rest)schuld. De rechtbank anticipeert daarbij tevens op het in de Awb opgenomen maar nog niet in werking getreden artikel 4:94a. De rechtbank stelt vast dat de navordering ingrijpende gevolgen voor eiseres heeft en dat de ontstane situatie door gebrekkige voorlichting mede aan verweerder moet worden toegerekend. Het bestreden besluit berust daarom niet op een evenredige belangenafweging.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen

Aangehaalde uitspraken