Rb. Limburg 7 februari 2020, ECLI:NL:RBLIM:2020:900
De rechtbank Limburg heeft vandaag twee rechtspersonen, [medeverdachte 1] te [vestigingsplaats 1] en [verdachte] te [vestigingsplaats 2], de verplichting opgelegd om aan de staat 600.000 euro respectievelijk ruim 4 miljoen euro te betalen. Dit voordeel hebben de bedrijven, volgens de rechtbank, in strijd met de wet verkregen door hun rol bij illegale transporten van gasturbineonderdelen naar Iran. [medeverdachte 1] regisseerde omleidingsroutes, bedacht om de nationale en internationale exportcontrolewetgeving te omzeilen, zodat toch, zonder de vereiste vergunning, gasturbineonderdelen werden geleverd aan afnemers in Iran. [verdachte] was daarbij de laatste cruciale schakel voor de levering van de goederen en ontving in bijna alle gevallen ook de betalingen. Gelet op deze beslissingen in de zaken tegen [medeverdachte 1] en [verdachte], heeft de rechtbank de ontnemingsvordering tegen [medeverdachte 2]afgewezen.
De uitspraak op rechtspraak.nl