Rb. Limburg 25 september 2020, ECLI:NL:RBLIM:2020:7233

De burgemeester heeft bij het Aanwijzingsbesluit autoverhuur aangewezen als vergunningplichtige bedrijfsmatige activiteit. Eiseres heeft tegen het na heroverweging genomen besluit op haar bezwaar beroep ingesteld. De rechtbank heeft geen reden gezien te oordelen dat de vergunningplicht onverbindend is, heeft geoordeeld dat de burgemeester bevoegd was het Aanwijzingsbesluit te nemen en in redelijkheid van zijn bevoegdheid gebruik heeft kunnen maken. De rechtbank heeft het Aanwijzingsbesluit onrechtmatig bevonden, voor zover de burgemeester bedrijfsmatige activiteiten heeft aangewezen waar(op) het verbod om zonder vergunning een bedrijf uit te oefenen niet van toepassing is. De rechtbank heeft ook geoordeeld dat de burgemeester in het Aanwijzingsbesluit niet kon regelen dat in de vergunning de rechtspersoon wordt vermeld. Omdat het besluit eiseres in zoverre niet zelf raakt was er geen reden het beroep gegrond te verklaren. Het beroep is ongegrond verklaard.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen