Rb. Limburg 22 augustus 2019, ECLI:NL:RBLIM:2019:7682
Bij de beoordeling van de aanvaardbaarheid van het woon- en leefklimaat ter plaatse van een plattelandswoning moet ook het (voorheen) bij die woning behorende bedrijf worden betrokken. Burgemeester en wethouders hebben weliswaar beleidsruimte bij de beslissing over de verlening van een omgevingsvergunning ter afwijking van het bestemmingsplan en beoordelingsruimte bij het bepalen van de aanvaardbaarheid van het woon- en leefklimaat, maar die ruimte gaat niet zover dat daarbij de voor dat woon- en leefklimaat in beginsel meest relevante bron buiten beschouwing kan worden gelaten. Daarmee wordt immers slechts een fictief woon- en leefklimaat beoordeeld.
De uitspraak op rechtspraak.nl
Aangehaalde artikelen
Aangehaalde uitspraken
- ABRvS 4 april 2018, ECLI:NL:RVS:2018:1096
- ABRvS 14 maart 2018, ECLI:NL:RVS:2018:820
- ABRvS 20 december 2017, ECLI:NL:RVS:2017:3530
- ABRvS 6 december 2017, ECLI:NL:RVS:2017:3358
- ABRvS 25 mei 2016, ECLI:NL:RVS:2016:1422
- ABRvS 9 maart 2016, ECLI:NL:RVS:2016:641
- ABRvS 22 juli 2015, ECLI:NL:RVS:2015:2317
- ABRvS 6 mei 2015, ECLI:NL:RVS:2015:1422
- ABRvS 15 april 2015, ECLI:NL:RVS:2015:1159