Rb. Limburg 22 mei 2019, ECLI:NL:RBLIM:2019:4835
Veroordeling voor medeplegen van voorbereidings- en/of bevorderingshandelingen voor synthetische drugs (chemicaliëntransporten), vervoeren van amfetaminebase en deelname aan een criminele organisatie. Vrijspraak voor overtreding van de Wet voorkoming misbruik chemicaliën. Verdachte was geen marktdeelnemer in de zin van de Verordening 273/2004. Deze Verordening is gewijzigd middels de inwerkingtreding van Verordening 1258/2013. Met marktdeelnemers wordt gedoeld op fabrikanten, distributeurs, makelaars, importeurs, exporteurs en groothandelaren van chemische stoffen. Verdachte heeft enkel de stoffen vervoerd in opdracht van een ander. De rechtbank is van oordeel dat dit enkele vervoeren van a naar b niet is te beschouwen als ‘in de handel brengen’. Dit vervoer valt veeleer onder de term ‘gebruiker’. Verdachte wordt veroordeeld tot een gevangenisstraf van 381 dagen waarvan 365 dagen voorwaardelijk met aftrek van voorarrest en een taakstraf van 240 uren.
De uitspraak op rechtspraak.nl