Rb. Limburg 27 juli 2018, ECLI:NL:RBLIM:2018:7227

H3 Wajong 2015, herbeoordeling zittende Wajonger, artikel 8:10b Wajong 2015, artikel 2a SB. De rechtbank kan verweerder in beginsel volgen in diens handelwijze om het aangaan van een vrijwilligersovereenkomst te scharen onder de omstandigheid als genoemd in artikel 2a, tweede lid, aanhef en onder a, onder 3°, van het SB. De rechtbank is het echter met eiser eens dat dit enkele gegeven er niet toe leidt dat verweerder niet gehouden was om in de heroverweging in bezwaar (alsnog) te (laten) onderzoeken in hoeverre uit de vrijwilligersovereenkomst daadwerkelijk afgeleid kan worden dat sprake is van arbeidsvermogen. Hierbij neemt de rechtbank in aanmerking dat het doel van de vrijwilligersovereenkomst blijkens de voorhanden zijnde stukken sociale activering was en niet zo zeer gericht was op inschakeling in arbeid. De rechtbank vernietigt het besluit en bepaalt dat verweerder een nieuw besluit neemt. Daarbij zal verweerder volgens de zogenoemde methode SMBA (Sociaal Medische Beoordeling Arbeidsvermogen) moeten beoordelen of al dan niet sprake is van arbeidsvermogen in de zin van artikel 1a van het SB.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen