Rb. Limburg 11 juli 2018, ECLI:NL:RBLIM:2018:6617
Een van de verstuurde aanmaningen wordt geacht gedaagde partij te hebben bereikt. De koop van het recht om toegang te verkrijgen tot een bepaald evenement moet worden beschouwd als de koop van een vermogensrecht. Op grond van artikel 7:48 BW zijn de bepalingen van titel 1 van boek 7 BW inzake koop ook van toepassing op de koop van vermogensrechten, tenzij de aard van het recht zich hiertegen verzet. Naar het oordeel van de kantonrechter verzet de aard van het recht zich bij het kopen van een toegangskaartje voor een evenement niet tegen toepasselijkheid van de bepalingen van consumentenkoop. Nu verkoper handelt in de uitoefening van een beroep/bedrijf en koper niet handelt in de uitoefening van beroep/bedrijf, is sprake van een consumentenkoop.
De uitspraak op rechtspraak.nl