Rb. Limburg 18 juni 2018, ECLI:NL:RBLIM:2018:5699
Verweerder heeft door middel van verzekeringsgeneeskundig en arbeidskundig onderzoek allereerst beoordeeld of eiseres arbeidsvermogen heeft en vervolgens, ervan uitgaande dat sprake is van arbeidsvermogen, heeft beoordeeld of zij een drempelfunctie op de arbeidsmarkt kan vervullen. Deze benadering acht de rechtbank in overeenstemming met (de systematiek en strekking van) artikel 38b, eerste lid, van de Wfsv en artikel 3:5, derde en vierde lid, van het besluit SUWI. De rechtbank is het er ook mee eens dat in een geval dat dit het arbeidsvermogen als bedoeld in artikel 3.5, derde lid, van het Besluit SUWI wordt beoordeeld aan de hand van de in artikel 1a, eerste lid, van het Schattingsbesluit genoemde criteria. Ter zitting heeft eiseres onder verwijzing naar een uitspraak van de CRvB van 23 februari 2007, USZ 2007/91) betoogd dat de actualiseringsdatum van de drempelfunctie niet gelegen mag zijn na de datum in geding. De rechtbank volgt eiseres niet in dat betoog. Uit de beschrijving van de functie wikkelaarster transformatoren blijkt namelijk dat die weliswaar in het systeem is geactualiseerd (kort) na de datum in geding, zijnde de dag waarop het primaire besluit is genomen, maar dat dit berust op (her)onderzoek dat heeft plaatsgevonden (kort) vóór die datum. Daarmee is genoegzaam aannemelijk dat die functie ten tijde van de datum in geding feitelijk op de arbeidsmarkt voorkwam, waarmee voldaan is aan het desbetreffende vereiste van artikel 3.5, vijfde lid, van het Besluit SUWI.
De uitspraak op rechtspraak.nl