Rb. Limburg 10 januari 2018, ECLI:NL:RBLIM:2018:252
In onderhavig kort geding in conventie kan op basis van de authentieke akte niet worden vastgesteld of eiser een boete aan gedaagde verschuldigd is en zo ja hoe hoog die boete is, zodat aan de grosse van de notariële akte geen executoriale kracht kan toekomen en gedaagde geen bevoegdheid heeft op grond van die akte executiemaatregelen jegens eiser te treffen. De executie dient om die reden te worden gestaakt en de ten laste van eiser gelegde beslagen dienen te worden opgeheven. In kort geding in reconventie wordt een voorschot op de schadevergoeding wegens restitutierisico afgewezen.
De uitspraak op rechtspraak.nl