Rb. Limburg 7 mei 2014, ECLI:NL:RBLIM:2014:5918

Eiseres, Stichting Naleving CAO voor Uitzendkrachten (SNCU), ziet onder meer toe op een correcte naleving van de ‘CAO voor Uitzendkrachten’. De (meeste) bepalingen van deze cao zijn diverse periodes algemeen verbindend verklaard. Daarnaast bestaat er ook een ‘CAO Sociaal Fonds voor de Uitzendbranche’. Ook de (relevante) bepalingen van deze cao zijn voor diverse perioden algemeen verbindend verklaard. Op grond van de Statuten van SNCU heeft deze stichting een deel van haar bevoegdheden overgedragen aan een bij reglement in te stellen Commissie Naleving CAO voor Uitzendkrachten (CNCU). Op grond van dit reglement houdt CNCU toezicht op de naleving van voormelde cao’s en de krachtens deze cao’s geldende arbeidsvoorwaarden. Gedaagde heeft (voorheen) een uitzendonderneming gedreven, die zich hoofdzakelijk bezig hield met het uitzenden van werknemers naar bouwbedrijven. Deze werknemers waren hoofdzakelijk in Duitsland woonachtig. Vast staat dat de door gedaagde gedreven uitzendonderneming onder de werkingssfeer van voormelde cao’s valt, de Nederlandse rechter rechtsmacht heeft en de kantonrechter te Maastricht bevoegd is om het geschil tussen partijen te beslechten. Wegens een vermoeden van niet-naleving van de bepalingen van de cao, heeft het externe bureau Providius een onderzoek verricht naar de ondernemingsactiviteiten van gedaagde gedurende een bepaalde periode. Vervolgens heeft het externe bureau VRO een hercontrole verricht, waarin de uitkomsten van het onderzoek van Providius zijn bevestigd. Gedaagde betaalde aan haar (ex-)werknemers een ‘all-in loon’ uit. Nadat de kantonrechter heeft vastgesteld welke posten daarin moeten worden begrepen, wordt het bedrag waarvoor de (ex-) werknemers van gedaagde materieel zijn benadeeld vastgesteld aan de hand van de rapportages van Providius en VRO. Gedaagde wordt veroordeeld tot nakoming van voormelde cao’s, onder meer door nabetaling van het bedrag waarvoor haar (ex-)werknemers materieel zijn benadeeld. Bij de bepaling van de hoogte van dit bedrag is rekening gehouden met de tijdvakken waarin de cao niet algemeen verbindend verklaard is. De aanvullende forfaitaire schadevergoeding ontbeert een juridisch afdoende grondslag en wordt afgewezen. De forfaitaire schadevergoeding heeft wel een afdoende juridische grondslag. Na een herberekening door de kantonrechter, wordt de forfaitaire schadevergoeding toegewezen. Voor matiging van de forfaitaire schadevergoeding wordt geen aanleiding gezien. De buitengerechtelijke kosten worden afgewezen, omdat in de forfaitaire schadevergoeding tevens de bedoeling verdisconteerd is de betreffende werkgever tot naleving van de cao te bewegen.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen