Rb. Limburg 21 mei 2014, ECLI:NL:RBLIM:2014:4586

Derdenbescherming pandhouder tegen beschikkingsonbevoegdheid van pandgever die een vuistpand-recht vestigt op een gehuurde auto (artikel 3:238 lid 1 BW). De rechtbank is van oordeel dat pand-houder kon volstaan met een onderzoek van de benodigde kentekenbewijzen (naar analogie van Ho-ge Raad 21 oktober 2011, NJ 2011, 494), die, voor de pandhouder niet kenbaar, vervalst waren. De door de eigenaar (verzekeringsmaatschappij) aangevoerde omstandigheden, waaronder het feit dat pandgever slechts één autosleutel heeft verstrekt aan de pandhouder en het feit dat wellicht wegens ernstige financiële nood minder betrouwbare geldleners akkoord gaan met de onereuze bedingen in de geldleningsovereenkomt van de pandhouder, rechtvaardigen niet het oordeel dat van de pandhou-der een aanvullend onderzoek naar de tenaamstelling van de kentekenbewijzen mocht worden verlangd.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen