Rb. Limburg 12 februari 2014, ECLI:NL:RBLIM:2014:1277
Verweerder heeft het bezwaar van eiser tegen diverse beslissingen, betaalspecificaties en correspondentie met betrekking tot de aan hem toegekende uitkeringen ingevolge de Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering (WAO) en de Ziektewet (ZW) deels ten onrechte en deels terecht niet-ontvankelijk en ongegrond verklaard. Voor zover verweerder het bezwaar niet-ontvankelijk heeft verklaard was dat terecht. Het besluit waartegen het bezwaar gericht was genereert immers geen zelfstandig rechtsgevolg en kan dus niet beschouwd worden als een besluit in de zin van de Algemene wet bestuursrecht (Awb), zodat het niet mogelijk is om tegen het primaire besluit bezwaar te maken. In het andere geval is het primaire besluit in zijn geheel vervangen door een andere besluit waarin de besluitvorming ten gunste van eiser is bijgesteld en heeft eiser dus geen belang bij een behandeling van zijn bezwaar hiertegen. Voor zover verweerder het bezwaar ten onrechte ontvankelijk en ongegrond heeft verklaard, heeft verweerder niet onderkent dat de betreffende beslissing niet als een besluit in de zin van de Awb kan worden aangemerkt.
De uitspraak op rechtspraak.nl