Rb. Leeuwarden 8 november 2006, ECLI:NL:RBLEE:2006:AZ1669

Subsidieregeling agrarisch natuurbeheer (San). Vast staat dat de veldcontroles op grond waarvan verweerder eiseressen een sanctie heeft opgelegd en een aantal beheerseenheden (gedeeltelijk) heeft ingetrokken, hebben plaatsgevonden in 2001 en 2002. Eerst bij de in begin 2005 genomen primaire besluiten heeft verweerder eiseressen in kennis gesteld van de resultaten van deze veldcontroles. De rechtbank is met eiseressen van oordeel dat verweerder gezien het tijdsverloop tussen het moment waarop de controles hebben plaatsgevonden en het moment waarop eiseressen met de resultaten daarvan zijn geconfronteerd, de bestreden besluiten niet heeft mogen baseren op de in 2001 en 2002 gehouden veldcontroles. Dat volgens verweerder het eiseressen, gelet op de inhoud van de besluiten van 11 december 2001 en 3 december 2003, duidelijk had kunnen althans moeten zijn dat als gevolg van controles door de DLG de subsidie lager kon worden vastgesteld, maakt dat niet anders. Door de resultaten van de veldcontroles eerst ruim drie jaar na het houden daarvan aan eiseressen kenbaar te maken, heeft verweerder eiseressen de mogelijkheid ontnomen om daarop adequaat te reageren. In het licht van het vorenstaande ziet de rechtbank, anders dan verweerder, geen aanleiding om zonder meer van de deugdelijkheid van de bevindingen van de DLG-controleur uit te gaan. Gelet hierop kan de rechtbank voorbij gaan aan de door verweerder ter zitting opgeworpen stelling dat hij, nu de San wordt "gecofinancierd" in het kader van het Europese Plattelandsontwikkelingsprogramma, op grond van het EG-recht gehouden is de subsidie lager vast te stellen.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen