Rb. Haarlem 3 april 2012, ECLI:NL:RBHAA:2012:BW0665
De weigering om geen tegemoetkoming kob van maandelijks € 33,09 te verstrekken aan een AOW-gerechtigde, die niet in Nederland woont maar inwoner van Marokko is, vormt een ongeoorloofd onderscheid naar woonplaats als bedoeld in artikel 5 van het Algemeen Verdrag inzake sociale zekerheid tussen het Koninkrijk der Nederlanden en het Koninkrijk Marokko. Artikel 3 van Wmkob is in strijd met artikel 5 van het Algemeen Verdrag inzake sociale zekerheid tussen het Koninkrijk der Nederlanden en het Koninkrijk Marokko, omdat aan binnenlandse belastingplichtigen, behoudens de eis dat zij ouder zijn dan 65 jaar, geen nadere voorwaarden worden gesteld en aan buitenlandse belastingplichtigen wel de nadere voorwaarde wordt gesteld dat 90% van hun wereldinkomen in Nederland aan belastingheffing is onderworpen. De tegemoetkoming kob is een ouderdomsuitkering in de zin van artikel 1 van voornoemd verdrag en niet een fiscale maatregel die volgens de wetgever buiten de werkingssfeer van dat verdrag valt.
De uitspraak op rechtspraak.nl
Aangehaalde artikelen
- Artikel 26 AWR
- Artikel 27 AWR
- Artikel 22b LB
- Artikel 1:3 Awb
- Artikel 6:11 Awb
- Artikel 2.1 Wet IB 2001
- Artikel 2.5 Wet IB 2001
- Artikel 8.17 Wet IB 2001
- Artikel 1 Wet mogelijkheid koopkrachttegemoetkoming oudere belastingplichtigen
- Artikel 3 Wet mogelijkheid koopkrachttegemoetkoming oudere belastingplichtigen
- Artikel 5 Wet mogelijkheid koopkrachttegemoetkoming oudere belastingplichtigen
- Artikel 14 Wet mogelijkheid koopkrachttegemoetkoming oudere belastingplichtigen
- Artikel 19 Wet mogelijkheid koopkrachttegemoetkoming oudere belastingplichtigen
- Artikel 1 Protocol bij het Verdrag tot bescherming van de rechten van de mens en de fundamentele vrijheden