Rb. Haarlem 2 februari 2011, ECLI:NL:RBHAA:2011:BP7231

Onteigening; schadeloosstelling; De rechtbank gaat voorbij aan het verweer dat aan de voorste strook grond een hogere waarde toegekend dient te worden, aangezien dit verweer miskent dat de voorste strook van het terrein haar waarde ontleent aan het gehele terrein en daarvan niet los gekoppeld kan worden. Geen redelijk handelende koper zal in het vrije handelsverkeer bereid zijn in het onderhavige geval voor de voorste strook meer te betalen dan voor de rest van het terrein, nu immers sprake is van reeds geëxploiteerde grond en dit terrein één samenhangend geheel vormt. De rechtbank volgt het advies van de deskundigen op het punt van de grondprijs. De door de advocaat van gedaagden gemaakte kosten in verband met cassatieprocedures komen niet voor vergoeding in aanmerking, nu gedaagden als de in het ongelijk gestelde partijen telkens zijn veroordeeld in de kosten van die procedures. De desbetreffende kosten hebben ook geen betrekking op de onteigeningsprocedure bij deze rechtbank.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen