Rb. Haarlem 4 augustus 2010, ECLI:NL:RBHAA:2010:BN5169
Rechtshulpverzoek is een daad van vervolging welke zorgt voor de stuiting van de verjaringstermijn; OM ontvankelijk in de vervolging; sociale zekerheidsfraude; valsheid in geschrift, medeplegen; promis; onroerend goed in het buitenland. De rechtbank is van oordeel dat het/de verzoek(en) om rechtshulp aan Turkije is/zijn aan te merken als (een) da(a)d(en) van vervolging zoals bedoeld in artikel 72, eerste lid, van het Wetboek van Strafrecht. Dat betekent, dat de verjaringstermijn van twaalf jaren tijdig is gestuit, zodat het Openbaar Ministerie ontvankelijk is in zijn vervolging. De rechtbank stelt vast dat verdachte en zijn medeverdachte nimmer op één van de inlichtingen-, heronderzoeks- en rechtmatigsheidsformulieren, dan wel via de algemene inlichtingenplicht, aan (kort gezegd) de gemeentelijke sociale dienst, hebben aangegeven dat zij onroerend goed in Turkije in hun bezit hadden. Dit terwijl verdachte sinds 2 juli 1987 twee percelen grond op zijn naam heeft staan en zijn vrouw sinds 25 oktober 1988 een appartementsgebouw met vier verdiepingen bestaande uit vier appartementen en een bedrijfsruimte. Aldus hebben verdachte en zijn medeverdachte zich in de periode vanaf 1 juli 2000 - zijnde de datum waarop de na te noemen bepaling in werking is getreden - meermalen schuldig gemaakt aan het overtreden van artikel 227b van het Wetboek van Strafrecht. In de periode hieraan voorafgaand is sprake geweest van valsheid in geschrift. Uit het verhoor van verdachte blijkt dat hij zich ervan bewust is geweest dat het invullen van voornoemde formulieren van belang was voor het recht op de bijstandsuitkering en de berekening van de hoogte daarvan. Tegen deze achtergrond bezien heeft verdachte, door de formulieren in te vullen op een wijze als hij heeft gedaan, zich willens en wetens blootgesteld aan de aanmerkelijke kans dat de door hem ingevulde formulieren gegevens zouden bevatten die in strijd met de waarheid en daarom vals zouden zijn. Verdachte heeft die kans, gelet op zijn handelen, kennelijk bewust aanvaard en op de koop toegenomen. Voorts heeft verdachte de formulieren bij de gemeentelijke sociale dienst ingeleverd, met het oogmerk ze voor echt, conform de waarheid, door te laten gaan. Verdachte heeft zich samen met zijn echtgenote langdurig en stelselmatig schuldig gemaakt aan sociale zekerheidsfraude door het valselijk opmaken van formulieren en het nalaten de benodigde gegevens aan de sociale dienst te verstrekken, te weten het bezit van onroerend goed in Turkije, zodat hij en zijn echtgenote de gemeenschap hebben benadeeld. Tegen dergelijk misbruik van gemeenschapsgeld dient krachtig opgetreden te worden. De bijstandsuitkering is een sociale voorziening die rechthebbenden een bestaansminimum moet verschaffen, waarmee in de kosten voor direct levensonderhoud kan worden voorzien. De bijstand moet voorts worden aangemerkt als laatste voorziening in het thans vigerende stelsel van sociale zekerheid en dient slechts te worden toegekend aan diegenen die niet in staat zijn om zelfstandig voor de minimumkosten van het bestaan zorg te dragen.
De uitspraak op rechtspraak.nl