Rb. Haarlem 29 september 2006, ECLI:NL:RBHAA:2006:AY9822
Verhuisboedelvrijstelling; artt. 6 en 9 Verordening (EEG) nr. 918/83: voor het verlenen van de vrijstelling is noodzakelijk dat de goederen binnen twaalf maanden na het binnenbrengen van de goederen in het douanegebied van de Gemeenschap worden ingevoerd. Achttien maanden na het binnenbrengen verzocht eiser om een vrijstellingsvergunning. Eiser heeft aldus de voor het indienen van een vergunning en invoer van de goederen gestelde termijn overschreden. Bijzondere omstandigheden zijn niet gesteld of gebleken.
De uitspraak op rechtspraak.nl