Rb. Haarlem 13 september 2006, ECLI:NL:RBHAA:2006:AY8287

Nu partijen de nalatenschap van hun vader beneficiair hebben aanvaard, moet die worden vereffend met in achtneming van de bepalingen van titel 6, afdeling 4 van boek 4 BW - dat (grotendeels) een dwingend rechtelijke regeling betreft - en kan de rechtbank niet overgaan tot de door elk van partijen gevorderde verdeling als bedoeld in artikel 4:227 juncto 3:185 BW (verdeling door de rechter).

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen