Rb. Groningen 16 februari 2010, ECLI:NL:RBGRO:2010:BL4565
Adoptie van een nog ongeboren kind, welk kind wordt geboren binnen de relatie van de adoptant en de ouder van hetzelfde geslacht. Het kind is verwekt door kunstmatige inseminatie met donorzaad van een onbekende donor. De behandeling heeft plaatsgevonden in Belgie. Door bij overeenkomst met het ziekenhuis in Belgie te verklaren de anonimiteit van de donor voor eeuwig te bewaren, hebben partijen in strijd met Nederlandse wetgeving, te weten de Wet donorgegevens bij kunstmatige inseminatie, gehandeld. Welke consequenties hieraan verbonden dienen te worden, wordt naar het oordeel van de rechtbank in verregaande mate bepaald door het belang van het nog ongeboren kind. De rechtbank is van oordeel dat het in het belang van het kind is dat het kind twee ouders heeft, die het kind verzorgen en opvoeden. De rechtbank is dan ook van oordeel dat adoptie in het belang is van het nog ongeboren kind. Gelet op artikel 1:230, tweede lid, BW werkt de adoptie terug tot en met het moment van geboorte van het kind, indien het adoptieverzoek vóór de geboorte van het kind wordt ingediend. De rechtbank wijst het verzoek tot adoptie af. De rechtbank begrijpt het verzoek tevens als een verzoek de adoptie uit te spreken, nadat het kind is geboren. De rechtbank zal die beslissing in afwachting van het overleggen van de geboorteakte aanhouden.
De uitspraak op rechtspraak.nl