Rb. Groningen 1 december 2009, ECLI:NL:RBGRO:2009:BK5332

Kinderrechter is van oordeel dat de gezinsvoogdij-instellingen een onverantwoorde uitvoering hebben gegeven aan de hun bij wet opgedragen taken. De hulpverlening heeft negen maanden volledig stil gelegen. Er is geen uitvoering gegeven aan de maatregel van ots en de machtiging uhp is niet ten uitvoer gelegd vanwege organisatorische redenen. Buitengewoon schrijnende situatie. Schending van artikel 13 Wet op de Jeugdzorg en de artikelen 3 (belang van het kind), 6, tweede lid, (recht op ontwikkeling van het kind), 19 (geestelijke verwaarlozing of nalatige behandeling), en 20 (bescherming van kinderen die niet in hun eigen gezin kunnen opgroeien) van het Verdrag inzake de rechten van het kind. Het kind heeft recht op bijzondere bescherming. Gebleken is dat deze bescherming door de maatregel ots onvoldoende gewaarborgd is geweest. Kinderrechter benoemt om die reden thans een bijzondere curator om het komende jaar de belangen van de kinderen in de gaten te houden en waar nodig de kinderen, zowel in als buiten rechte, te vertegenwoordigen in alle aangelegenheden betreffende hun verzorging en opvoeding.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen