Rb. Gelderland 27 november 2024, ECLI:NL:RBGEL:2024:9713
(art. 7:399d BW) In 1986 is op de percelen een recht van erfpacht gevestigd, welk recht in 2000 aan vader is overgedragen. De erfpacht liep volgens de erfpachtakte tot en met 31 oktober 2011. Vervolgens is onderhandeld over het gebruik van de percelen, waar in 2014 een nieuwe overeenkomst voor is gesloten voor de duur van 12 jaar. Momenteel zijn de percelen in gebruik door zoon. De pachtkamer is van oordeel dat zoon de percelen zonder recht of titel gebruikt nu niet gebleken is dat het erfpachtrecht aan zoon is overgedragen.
De uitspraak op rechtspraak.nl