Rb. Gelderland 18 oktober 2022, ECLI:NL:RBGEL:2022:5894

1:374 BW machtiging te gelde maken. Partijen hebben in hoger beroep afspraken gemaakt over de verkoop van hun woonboerderij dat deel uitmaakt van een groter landgoed en de levering van een perceel aan de vader van de vrouw. Tussen partijen is discussie over de vraag of door die levering strijd met de Natuurschoonwet ontstaat waardoor partijen mogelijk een forse contractuele boete verschuldigd worden aan de vader van de vrouw. De vrouw meent van niet en wil gemachtigd worden om de woning te mogen verkopen, nu de man volgens haar ten onrechte weigert om hieraan mee te werken. De rechtbank is van oordeel dat er sprake is van gewichtige redenen en machtigt de vrouw tot het te gelde maken van de voormalig echtelijke woning onder de voorwaarde dat in de koopovereenkomst/leveringsakte een kettingbeding wordt opgenomen met een boetebeding op de verplichting om het verkochte in stand te houden conform de Natuurschoonwet.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen