Rb. Gelderland 9 september 2021, ECLI:NL:RBGEL:2021:4803
In dit kort geding vordert een advocaat als curator in de faillissementen van de failliet en zijn bedrijf, afgifte van de administratie van beide gefailleerden die een advocaat als curator van de failliete accountant van de failliet en zijn bedrijf in bezit heeft. De failliet heeft zich gevoegd aan de zijde van eiser en daarnaast heeft hijzelf een vordering ingesteld tot afgifte van de administratie ook aan hem. De advocaat van gedaagde vordert voor het geval dat de vorderingen worden toegewezen, de benoeming van een deskundige, die de administratie moet opschonen. Informatie die geen betrekking heeft op de failliet en zijn bedrijf moet niet afgegeven worden. De voorzieningenrechter wijst de vorderingen van de failliet af, omdat de administratie van de failliet en zijn bedrijf aan de curator (eiser), en niet aan de failliet zelf, ter beschikking moet worden gesteld. De vordering van de advocaat van de failliet wordt gedeeltelijk toegewezen. Documenten van de overleden moeder van de failliet en de documentatie van 1 van de bedrijven krijgt hij niet. De curator (eiser) krijgt wel stukken uit het accountantsdossier omdat die voor zijn onderzoek in de faillissementen van belang kunnen zijn. De voorzieningenrechter wijst de vordering van de andere advocaat af, omdat curators (eiser) belang heeft bij de documenten waarvan de afgifte wordt toegestaan. Omdat de derden van wie mogelijk stukken in de documenten staan, verbonden zijn met de failliet en zijn bedrijf, bestaat er geen aanleiding voor de benoeming van een deskundige die een scheiding zou moeten aanbrengen.
De uitspraak op rechtspraak.nl