Rb. Gelderland 1 juni 2021, ECLI:NL:RBGEL:2021:2693
Verzuimboete. Eiser stelt dat hij de aanmaning niet heeft ontvangen. Aanmaning was niet zichtbaar in ‘Mijnbelastingdienst.nl’. Hoewel in artikel 3a van de Algemene wet inzake rijksbelastingen (AWR) is bepaald dat in het verkeer tussen belastingplichtigen en de inspecteur een bericht uitsluitend elektronisch wordt verzonden, kunnen bij ministeriële regeling berichten worden aangewezen waarvoor het berichtenverkeer kan plaatsvinden anders dan langs elektronische weg. In artikel 3 van de Regeling elektronisch berichtenverkeer Belastingdienst (Stcrt. 2015, 37619; hierna: de Regeling) en de daarbij behorende bijlage zijn onder meer aanmaningen voor de indiening van aangiften voor een aanslagbelasting vooralsnog uitgezonderd van het verplichte elektronisch berichtenverkeer. Een dergelijke uitzondering heeft volgens de Hoge Raad in zijn arrest van 25 mei 2018 (Hoge Raad 25 mei 2018, ECLI:NL:HR:2018:758) tot gevolg dat de verzending in elk geval per post moet plaatsvinden. Anders dan eiser klaarblijkelijk meent houdt het feit dat een aanmaning is uitgezonderd van het verplichte elektronische berichtenverkeer niet in dat naast een verzending post er altijd tevens een digitale verzending nodig is om bekendmaking van de aanmaning rechtsgeldig te doen zijn. De rechtbank acht aannemelijk dat de per post verstuurde aanmaning eiser wel moet hebben bereikt. Eiser is daarom aangemaand en heeft de aangifte niet binnen de daarin gestelde termijn gedaan. Boete is terecht. Beroep op AVAS afgewezen
De uitspraak op rechtspraak.nl