Rb. Gelderland 14 mei 2021, ECLI:NL:RBGEL:2021:2396

Het waterschap heeft het bezwaar tegen de afwijzing van een verzoek om handhavend op te treden tegen het zonder vergunning organiseren van een viswedstrijd niet-ontvankelijk verklaard. De reden hiervan was dat de viswedstrijd al had plaatsgevonden voor dit besluit. Stichting Gezond Water stelt hiertegen beroep in. De Stichting is gelet op de doelomschrijving in de statuten, de feitelijke werkzaamheden die de stichting heeft verricht en de opsomming van activiteiten in het bezwaar belanghebbende bij het handhavingsverzoek als bedoeld in artikel 1:2, eerste en derde lid, van de Algemene wet bestuursrecht. Verder heeft de Stichting belang bij de beoordeling van haar bezwaar en beroep omdat niet in geschil is dat er jaarlijks tientallen viswedstrijden worden georganiseerd in het beheergebied van het waterschap. Het waterschap heeft het bezwaar daarom ten onrechte niet-ontvankelijk verklaard. Het beroep is gegrond en de rechtbank vernietigt het besluit op bezwaar. De rechtbank ziet geen aanleiding om in de zaak finaal te beslissen. Het waterschap heeft pas in beroep haar inhoudelijke reactie op het verzoek om handhaving gegeven. De stichting is niet gehoord naar aanleiding van haar bezwaar. Dat had moeten gebeuren, omdat de hoorzitting een essentieel onderdeel is van de bezwaarfase. Daarom moet het waterschap eerst de Stichting in de gelegenheid stellen haar bezwaar in een hoorzitting toe te lichten. Daarna moet het Waterschap opnieuw een besluit op bezwaar nemen.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen

Aangehaalde uitspraken