Rb. Gelderland 24 december 2020, ECLI:NL:RBGEL:2020:6870

Tussenuitspraak. IB/PVV. Mede in het licht van de mediaberichtgeving en de brief van de staatssecretarissen van Financiën, laat de toelichting van verweerder naar het oordeel van de rechtbank ruimte voor twijfel over de (doorslaggevende) reden van uitworp van de aangifte van eiser. De rechtbank acht het van belang om in dit geval uit te kunnen sluiten dat dubbele nationaliteit heeft geleid tot (een grotere kans op) selectie en/of uitworp in dit jaar of in een eerder jaar. Uitworp in een eerder jaar kan namelijk als gevolg hebben gehad dat de kans op selectie en/of uitworp in het latere jaar groter is geworden, waardoor eiser dus indirect in een ongunstiger positie kwam te verkeren dan andere belastingplichtigen die geen dubbele nationaliteit hebben en bij wie op vergelijkbare wijze is afgeweken van de ingediende aangifte. In verhouding tot de ernst van een mogelijke inbreuk op het recht op gelijke behandeling is de onzekerheid of dubbele nationaliteit een rol heeft gespeeld bij de selectie en/of uitworp in dit geval te groot. Deze onzekerheid levert een gebrek op dat hersteld dient te worden voordat de rechtbank een oordeel kan geven. De rechtbank zal verweerder daarom in de gelegenheid stellen om nader te motiveren dat het hebben van een dubbele nationaliteit in dit geval geen rol heeft gespeeld. (In de einduitspraak van 13 april 2021, ECLI:NL:RBGEL:2021:2129, heeft de rechtbank geoordeeld dat verweerder het gebrek heeft hersteld).

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen

Aangehaalde uitspraken