Rb. Gelderland 14 juli 2020, ECLI:NL:RBGEL:2020:3433
Verzoeker heeft een vrijstelling gevraagd van de verplichting een mondkapje te dragen in het openbaar vervoer. Het verzoek om een voorlopige voorziening wordt afgewezen. Verweerder stelt terecht dat artikel 2.7, eerste lid, van de Noodverordening enkel verplichtingen in het leven roept voor de vervoerder om ervoor te zorgen dat OV-reizigers een mondkapje dragen. In de Noodverordening is geen verbod voor de individuele reiziger opgenomen om zonder mondkapje te reizen in het openbaar vervoer. Dat verbod is op de Wet personenvervoer 2000 gebaseerd. Verweerder heeft niet de bevoegdheid verzoeker een vrijstelling te verlenen.
De uitspraak op rechtspraak.nl