Rb. Gelderland 7 maart 2019, ECLI:NL:RBGEL:2019:1006

De rechtbank Gelderland heeft een transportbedrijf uit Wijchen veroordeeld tot een geldboete van € 100.000, waarvan € 25.000 voorwaardelijk. Op 8 mei 2015 heeft zich in een van de spuitcabines van het bedrijf een explosie voorgedaan en is brand uitgebroken. Een werknemer is daarbij zwaar gewond geraakt en moest met tweede- en derdegraads brandwonden worden opgenomen in het brandwondencentrum in Beverwijk. Twee andere werknemers zijn kort in een ziekenhuis opgenomen vanwege ademhalingsklachten. Er zijn diverse onderzoeken uitgevoerd naar de oorzaak van de explosie en de brand, maar geen van die onderzoeken heeft die exact kunnen vaststellen. Uit de onderzoeken is echter wel naar voren gekomen, en door de rechtbank bewezen geacht, dat het bedrijf voorschriften op grond van de Arbeidsomstandighedenwet en de Wet milieubeheer heeft overtreden. Zo bevonden zich in de spuitcabines vaten met meer (brand)gevaarlijke afvalstoffen dan strikt nodig voor het productieproces. Daarnaast hadden de spuiters te maken met statische elektriciteit, voelden zij schokjes en zagen zij soms vonken. Uit onderzoek is gebleken dat er onvoldoende is geaard. Het explosieveiligheidsdocument voldeed niet aan de daaraan te stellen eisen en er is onvoldoende gedaan om duidelijk te maken dat sprake was van explosiegevaarlijke zones. Daarmee is niet gezegd dat hierin de oorzaak van de explosie en de brand is gelegen, maar de rechtbank verwijt het bedrijf dat zij onvoldoende maatregelen heeft getroffen en onvoldoende toezicht heeft uitgeoefend om dat risico afdoende te beperken. Daardoor kon een gevaarlijke situatie ontstaan, en daarmee levensgevaar of gevaar voor zwaar lichamelijk letsel voor de werknemers in de spuitcabines, en dat had het bedrijf redelijkerwijs moeten weten. Dat zij deskundige diensten heeft ingeschakeld maakt dat niet anders, het bedrijf had ook de plicht om de deskundigen van adequate informatie te voorzien en ook dat is volgens de rechtbank op onderdelen onvoldoende gedaan. Voor zover de werknemers een handelen of nalaten kan worden verweten, is dat naar het oordeel van de rechtbank toe te rekenen aan het bedrijf. Verder is gebleken dat het bedrijf gevaarlijke afvalstoffen uit de spuitcabines in vaten in de buitenlucht had opgeslagen zonder dat het afdoende maatregelen had getroffen ter bescherming van het milieu. De rechtbank heeft het bedrijf vrij gesproken van het mengen van gevaarlijke (afval)stoffen. Voor zover dat niet was vergund, bood het dossier daarvoor onvoldoende aanknopingspunten. Ook daarom heeft de rechtbank een lagere straf opgelegd dan was geëist. De rechtbank zag geen meerwaarde in extra toezicht op het bedrijf, zoals de officier van justitie eiste. In de nieuwe spuiterij lijkt men met de gesignaleerde risico’s afdoende rekening te hebben gehouden, en niet is gebleken dat de nu betrokken autoriteiten onvoldoende toezicht zouden houden.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen