Rb. Gelderland 11 december 2018, ECLI:NL:RBGEL:2018:5740
Kort geding. Internationale koopovereenkomst van effecten. Arbitrageovereenkomst. Rechtsmacht, Brussel I bis, art. 7 lid 1 Rv., 1074 d Rv. art. 3:90 lid 1 en 3:93 BW Afwijzing van vordering in kort geding om, vooruitlopend op de levering van effecten waartoe gedaagde in een Zwitsers arbitraal vonnis is veroordeeld, primair dit vonnis in de plaats te stellen van de leveringshandeling van toonderaandelen en subsidiair tot overdracht van het stemrecht op die aandelen. Levering van toonderaandelen dient naar Nederlands recht door bezitsverschaffing te geschieden. Afweging van belangen brengt met zich dat een voorziening achterwege moet blijven nu op korte termijn een uitspraak van de Zwitserse rechter is te verwachten over de levering van de aandelen. Meespeelt dat nog niet duidelijk is of een tweede arbitrageprocedure wijziging kan brengen in de verplichting van gedaagde tot levering van de effecten.
De uitspraak op rechtspraak.nl