Rb. Gelderland 28 december 2017, ECLI:NL:RBGEL:2017:6889
Omzetbelasting. Voeging in fiscale eenheid. Afwijzing van verzoek uitbreiding fiscale eenheid is voor bezwaar en beroep vatbaar. Uitleg artikel 7, vierde lid, Wet OB met verwijzing naar artikel 1:3 van de Awb. Toetsing aan alle drie de verwevenheidseisen bij een Stichting die de schoonmaak van haar scholen onderbrengt in een door haar opgerichte BV, waarbij de BV de schoonmaakwerkzaamheden laat uitvoeren door een extern schoonmaakbedrijf, met alles wat daarbij komt kijken (inclusief werving en ontslag personeel, salarisadministratie, boekhouding, ed). Afwijzing van de stelling van verweerder dat relevant is dat slechts 1% van de omzet ondernemersactiviteiten betreft en dat de prestaties van de BV zijn verricht aan het niet-economische gedeelte van de fiscale eenheid. Er worden geen eisen gesteld aan de omvang van de ondernemersactiviteiten. Aan alle verwevenheidseisen is voldaan. Geen misbruik van recht, omdat niet uit objectieve factoren blijkt dat het wezenlijke doel van de betrokken handelingen uitsluitend erin bestaat een belastingvoordeel te verkrijgen. Er zijn namelijk ook andere redenen voor de gekozen handelwijze. Ook geen sprake van een zuiver kunstmatige constructie die geen verband houdt met de economische realiteit. Het schoonmaakpersoneel is namelijk in dienst bij de BV en niet bij het externe schoonmaakbedrijf.
De uitspraak op rechtspraak.nl
Aangehaalde artikelen
Aangehaalde uitspraken
- Hof Den Haag 23 juni 2017, ECLI:NL:GHDHA:2017:2416
- Hof Den Haag 25 april 2017, ECLI:NL:GHDHA:2017:1545
- Rb. Gelderland 20 december 2016, ECLI:NL:RBGEL:2016:6801
- HR 13 mei 2016, ECLI:NL:HR:2016:833
- Rb. Zeeland-West-Brabant 14 oktober 2015, ECLI:NL:RBZWB:2015:7006
- HR 11 oktober 2013, ECLI:NL:HR:2013:837
- HR 9 juni 2006, ECLI:NL:HR:2006:AX7369
- HR 14 februari 2003, ECLI:NL:HR:2003:AF4532
- HR 22 februari 1989, ECLI:NL:HR:1989:ZC3993
- HvJ EU, ECLI:EU:C:2015:832