Rb. Gelderland 12 juli 2017, ECLI:NL:RBGEL:2017:3627
Voorlopige voorziening. Verweerder heeft het persoonsgebonden budget (pgb) van verzoekster op grond van de Wet langdurige zorg (Wlz) per 1 juni 2017 opgeschort. Dat verweerder zorg in natura heeft aangeboden brengt niet mee dat er geen sprake is van spoedeisend belang. Verzoekster kampt met zware (psychische) problematiek, zij is gebaat bij structuur, rust en regelmaat. Verzoekster krijgt niet alleen begeleiding maar zij is ook gehuisvest via deze zorginstelling. Verandering van zorginstelling zou derhalve ook een fysieke verplaatsing met zich meebrengen en zou daardoor zeer ingrijpend zijn voor verzoekster. De voorzieningenrechter is voorlopig van oordeel dat er voldoende aanwijzingen zijn om te komen tot een ernstig vermoeden in de zin van artikel 4:56 van de Awb. Gelet op de verschillende fraudemeldingen en de ernst daarvan rijzen er fundamentele vragen over de wijze waarop zorg verleend wordt en of de kosten daarvan ten laste van het pgb kunnen komen. Dat de meldingen anoniem zijn en grotendeels zien op een zorginstelling die reeds ontbonden is, doet hieraan niet af.
De uitspraak op rechtspraak.nl