Rb. Gelderland 21 januari 2016, ECLI:NL:RBGEL:2016:199

Heffing ingevolge de Wet op de kansspelbelasting (WKB) voor in Duitsland gewonnen loterijprijs. In geschil is of de heffing in strijd is met de vrijheid van dienstenverkeer binnen de Europese Unie op grond van artikel 56 VWEU dan wel met artikel 1 van het Eerste Protocol behorend bij het EVRM. Daarnaast is aan de orde of eiser recht heeft op een vrijstelling op grond van artikel 52 van het Besluit voorkoming dubbele belasting. De rechtbank komt tot het oordeel dat de gewonnen prijs in Duitsland niet onderworpen is aan een gelijksoortige belasting als de heffing ingevolge de WKB. Daarnaast concludeert de rechtbank dat de heffingsdruk voor eiser als gerechtigde van de in Duitsland gewonnen prijs gelijk is aan de belastingdruk die zou gelden voor dezelfde prijs, wanneer die in Nederland gewonnen zou zijn. Nu daarnaast niet aannemelijk is geworden dat sprake is van een individuele en buitensporige last voor eiser wordt het beroep ongegrond verklaard.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen

Aangehaalde uitspraken