Rb. Gelderland 22 september 2015, ECLI:NL:RBGEL:2015:5911

LB. 2013 en 2014. Stamrechtvrijstelling. In december 2013 onderhandelt eiser, aan wie per 13 januari 2014 ontslag is aangezegd, met zijn werkgever over de hoogte van de ontslagvergoeding. De werknemer geeft aan deze vergoeding te willen gebruiken voor het bedingen van een vrijgesteld stamrecht bij een nog op te richten BV. In januari 2014 wordt overeenstemming bereikt over de hoogte van de ontslagvergoeding en maakt de werkgever deze over naar de advocaat van de werknemer. De werknemer richt vervolgens een BV op, bedingt hierbij een stamrecht en laat de ontslagvergoeding overmaken naar de BV. De rechtbank overweegt dat de inspecteur terecht toepassing van de stamrechtvrijstelling van artikel 11.1.g Wet LB (oud) heeft geweigerd omdat het stamrecht in 2013 nog niet tot stand is gekomen en de wetgever geen overgangsregeling heeft getroffen. Ook kan geen gebruik meer worden gemaakt van de goedkeuring voor tegen de wens van de werkgever uitbetaalde ontslagvergoedingen, omdat het loon in geld in 2013 nog niet was genoten.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen

Aangehaalde uitspraken