Rb. Gelderland 10 juni 2015, ECLI:NL:RBGEL:2015:3713

kartelschade / schatting prijsopslag / vergoeding met wettelijke rente vanaf de betaling van de opslag / tardief beroep op verjaring van de rente / doorberekeningsverweer – redelijkheidstoets. De zaak betreft het wereldwijde GIS-kartel van ABB en Alstom e.a. van omstreeks 1994. Vervolg op het tussenvonnis van de rechtbank van 24 september 2014 in deze zaak (ECLI:NL:RBGEL:2014:6118) en het arrest van het gerechtshof van 2 september 2014 in de zaak tegen ABB (ECLI:NL:GHARL:2014:6766). Aansprakelijkheid voor kartelschade na onherroepelijke beschikking Europese Commissie (zgn. follow on-actie); kartelleden aansprakelijk wegens handelen in groepsverband; in concernverband toerekening van wetenschap moeder aan dochter; verjaring; schadebegrip en de berekening van de schade; doorberekeningsverweer. Alstom wordt veroordeeld om de destijds aan Sep in rekening gebrachte prijsopslag (overcharge) te vergoeden. Informatie over de prijsberekening van Alstom ontbreekt. Daarom wordt haar prijsopslag geschat door vergelijking van de prijzen bij een kartelgenoot (ABB) tijdens en ná het kartel. De prijsopslag wordt geschat op € 14.100.000,00 vermeerderd met de samengestelde wettelijke rente over dit bedrag vanaf de betaling van de prijsopslag omstreeks 1994, waarvan wordt aangenomen dat deze is doorberekend in de transporttarieven. Bij de beoordeling van het desbetreffende doorberekeningsverweer (passing-on defence) zoekt de rechtbank aanknoping in het Nederlandse schadevergoedingsrecht en wel bij artikel 6:100 BW (voordeelverrekening). Dit artikel vergt een redelijkheidstoets en deze toets valt uit in het nadeel van Alstom.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen

Aangehaalde uitspraken