Rb. Gelderland 23 april 2015, ECLI:NL:RBGEL:2015:2742
Vaststellen eigen bijdrage AWBZ; Bijdragebesluit zorg. Verweerder is bij het vaststellen van het bijdrageplichtige inkomen wat betreft het vermogen van eiser uitgegaan van de door de Belastingdienst vastgestelde grondslag sparen en beleggen. Eiser heeft aangevoerd dat verweerder hiervan niet mocht uitgaan, nu eiser slechts het vruchtgebruik heeft over een deel van de nalatenschap en voorts geen interingsbevoegdheid heeft. De rechtbank ziet geen reden artikel 6, eerste lid, aanhef en onder c, van het Bbz buiten toepassing te laten. Hierbij is van belang dat op 4 april 2013 in de Tweede Kamer is gedebatteerd over de effecten van de invoer van de vermogensinkomensbijtelling. In dit debat is het onderwerp vruchtgebruik besproken, maar dit heeft niet geleid tot een wijziging in de wet- en regelgeving met betrekking tot het vruchtgebruik van vermogen. De bewuste keuze van de wet- en regelgever om bij de wijziging van artikel 6, vierde lid, van de AWBZ per 1 januari 2013 in het Bbz en de daarop gebaseerde regelgeving aan te sluiten bij het fiscale regiem van de Wet op de Inkomstenbelasting 2001 is daarmee onveranderd gebleven. Beroep ongegrond.
De uitspraak op rechtspraak.nl