Rb. Gelderland 9 april 2014, ECLI:NL:RBGEL:2014:2903

Drankafnameovereenkomst en geldleningsovereenkomst. Gedaagden zijn een vof en haar beide vennoten. De vof en de ene vennoot zijn niet verschenen. De vordering tegen de niet verschenen vennoot wordt afgewezen, omdat hij niet als gevolg van de inbreng van de eenmanszaak van de andere vennoot in de vof aansprakelijk is geworden voor vóór de oprichting van de vof door die eenmanszaak aangegane verbintenissen. De vordering jegens de wel verschenen vennoot wordt toegewezen, omdat zij de uitoefening van het bedrijf heeft gestaakt zodat het openstaande saldo van de lening ineens opeisbaar werd.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen