Rb. Dordrecht 17 augustus 2010, ECLI:NL:RBDOR:2010:BN5560
Het is mogelijk verdachten te boeien en, maar dat hier ter zijde, te fouilleren. Elke politieambtenaar moet daarbij in elk geval wel afwegen of dit een door de wet toegelaten doel dient en of het eigenlijk wel nodig is. De redenen voor deze afweging moet de politieambtenaar duidelijk opschrijven, zodat zij controleerbaar zijn. Min of meer standaard boeien (of fouilleren) of met algemene opmerkingen volstaan, mag dus niet. Voor veroordeling wegens verzet tegen de politie moet worden bewezen dat de ambtenaar tegen wie verzet wordt gepleegd, zelf rechtmatig optrad. In dit geval luisterde de verdachte naar de politie, werd hij aangehouden voor een simpele overtreding (niet-legitimeren) en blijkt niet dat hij agressief was of zou gaan worden. De politierechter oordeelt daarom dat het handboeien in dit geval onrechtmatig was en spreekt de verdachte vrij van wederspannigheid.
De uitspraak op rechtspraak.nl