Rb. Den Haag 10 maart 2026, ECLI:NL:RBDHA:2026:4795

Het college heeft maatwerkvoorschriften opgelegd aan twee scoutingverenigingen. Die maatwerkvoorschriften zien op het stoken van vuren door de scoutingverenigingen. In deze maatwerkvoorschriften zijn onder meer de frequentie en toegestane grootte van de vuren opgenomen. Ook staan hierin (weers-)omstandigheden waarin niet mag worden gestookt. Eisers zijn omwonenden en ervaren overlast door de vuren op het scoutingterrein. Zij vinden dat de maatwerkvoorschriften niet ver genoeg gaan. De rechtbank is van oordeel dat het college het aanvaardbare hinderniveau in redelijkheid heeft vastgesteld en daar het geuronderzoek van Antea Group aan ten grondslag heeft mogen leggen. De maatwerkvoorschriften zijn naar het oordeel van de rechtbank toereikend, omdat bij naleving daarvan geen onaanvaardbare geurhinder zal optreden. Er is geen sprake van het verbranden van afvalstoffen. Ook is het besluit niet in strijd met het EVRM. De rechtbank verklaart het beroep daarom ongegrond.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen

Aangehaalde uitspraken