Rb. Den Haag 29 januari 2026, ECLI:NL:RBDHA:2026:1513
Tussenuitspraak. De rechtbank is van oordeel dat de minister in dit geval aanleiding had moeten zien voor een forensisch medisch onderzoek (FMO). De minister heeft dat niet gedaan, zodat het besluit onzorgvuldig is. De rechtbank stelt de minister in de gelegenheid het gebrek te herstellen en daarbij medisch advies in te winnen door een FMO aan te bieden.
De uitspraak op rechtspraak.nl