Rb. Den Haag 6 mei 2026, ECLI:NL:RBDHA:2026:12862
Kort geding. Drie Nederlandse burgers vorderen om de Staat te verbieden de overeenkomst met Solvinity te verlengen. Solvinity beheert het digitale platform waarop onder meer DigiD draait. Eisers menen dat hun persoonsgegevens door de overname van Solvinity door het Amerikaanse bedrijf Kyndryl in de handen van de Amerikaanse overheid zullen terechtkomen en zij vinden dat dit moet worden voorkomen. De Staat beaamt dat er risico’s zijn. Eisers verdedigen naast hun eigen privacybelangen dan ook een maatschappelijk belang. De voorzieningenrechter oordeelt echter dat voldoende aannemelijk is dat, zoals de Staat aanvoert, een groot maatschappelijk probleem zal ontstaan als de Staat de overeenkomst met Solvinity niet nu verlengt, omdat in dat geval het veilig gebruik van essentiële overheidsapplicaties zoals DigiD op losse schroeven komt te staan, terwijl DigiD van wezenlijk belang is voor het digitale contact tussen de overheid en de burger. Daarom kan, ondanks de potentiële risico’s, niet worden gezegd dat de Staat onrechtmatig handelt door de overeenkomst met Solvinity te verlengen. De Staat kan niet worden verboden om de relatie met Solvinity nog enige tijd voort te zetten. De Staat kan evenmin worden verplicht om de overeenkomst met Solvinity deels en onder voorwaarden te ontbinden indien de voorgenomen overname van Solvinity door Kyndryl plaatsvindt, omdat onduidelijk is of de Staat die mogelijkheid heeft en of Solvinity daartoe bereid is. Daarnaast kan op dit moment niet worden gezegd dat niet op een verantwoorde wijze met Solvinity kan worden doorgewerkt, zodat van een (dreigend) onrechtmatig handelen van de Staat (nog) geen sprake is.
De uitspraak op rechtspraak.nl