Rb. Den Haag 6 mei 2026, ECLI:NL:RBDHA:2026:10625
Kort geding, overheidsaansprakelijkheid, collectieve actie. De Staat heeft ter uitvoering van de derogatiebeschikking van de Europese Commissie ‘met nutriënten verontreinigde gebieden’ (NV-gebieden) aangewezen. In deze NV-gebieden geldt een strengere gebruiksnorm voor stikstof dan in andere gebieden. Stichting Stikstofclaim (SSC) behartigt de belangen van agrariërs in NV-gebieden en de individuele eisers exploiteren beiden een akkerbouwbedrijf in een NV-gebied. In dit kort geding komen zij gezamenlijk op tegen de aanwijzing van NV-gebieden. Kort samengevat vorderen zij dat de Staat de aanwijzing van NV-gebieden niet langer handhaaft/buiten werking stelt, met als gevolg dat de strengere stikstofgebruiksnorm in NV-gebieden niet langer geldt. De voorzieningenrechter oordeelt dat alleen SSC ontvankelijk is in haar vorderingen, maar dat de vorderingen niet kunnen worden toegewezen. Voor de aanwijzing van NV-gebieden en de daaraan gekoppelde korting op de stikstofgebruiksnorm bestaat een wettelijke grondslag en SSC heeft geen gegronde reden aangevoerd om die aanwijzing buiten werking te stellen. Ook heeft SSC niet aannemelijk gemaakt dat de aanwijzing van NV-gebieden een onrechtmatige inmenging in het eigendomsrecht vormt. De voorzieningenrechter wijst de vorderingen van SSC daarom af.
De uitspraak op rechtspraak.nl
Aangehaalde artikelen
- Artikel 1018c Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering
- Artikel 16 Gw
- Artikel 94 Gw
- Artikel 7 Meststw
- Artikel 8 Meststw
- Artikel 3:305a BW3
- Artikel 24 Uitvoeringsregeling Meststoffenwet
- Artikel 7 EVRM
- Artikel 8 EVRM
- Artikel 1 Protocol bij het Verdrag tot bescherming van de rechten van de mens en de fundamentele vrijheden
- Artikel 15 BUPO
- Artikel 191 VWEU
- Artikel 5 Verdrag van Aarhus