Rb. Den Haag 24 april 2026, ECLI:NL:RBDHA:2026:10564

“Schijnhuwelijk zaak. De rechtbank is van oordeel dat er onvoldoende indicatoren waren voor de minister die een gegrond vermoeden vormen dat er sprake is van een schijnhuwelijk. De minister heeft met de gegeven indicatoren onvoldoende gemotiveerd dat aan de bewijslast is voldaan om onderzoek te mogen instellen naar de relatie van betrokkenen. Beroep is gegrond.”

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen

Aangehaalde uitspraken