Rb. Den Haag 3 juni 2025, ECLI:NL:RBDHA:2025:9754
Beroepen tegen plaatsingsbesluiten en vrijheidsbeperkende maatregelen. Beroepen tegen plaatsingsbesluit van 11 april en vrijheidsbeperkende maatregel van 10 april gegrond. Plaatsingsbesluit kan niet met terugwerkende kracht worden opgelegd. Plaatsingsbesluit zal worden vernietigd, eiser krijgt schadevergoeding en de minister zal worden veroordeeld in de proceskosten. Beroepen tegen plaatsingsbesluit en vrijheidsbeperkende maatregel van 17 april ongegrond. De rechtbank is van oordeel dat in plaatsingsbesluit 2 het incident en de feitelijke gedragingen van eiser gedetailleerd zijn omschreven. Eiser heeft niet aannemelijk gemaakt dat het COa het incident en de feitelijke gedragingen niet deugdelijk heeft onderzocht en vastgesteld. Het COa heeft naar het oordeel van de rechtbank het incident, conform het Maatregelenbeleid, terecht gekwalificeerd als een incident met zeer grote impact. Het COa heeft in overeenstemming met het Maatregelenbeleid en voldoende deugdelijk gemotiveerd besloten om het plaatsingsbesluit op te leggen.
De uitspraak op rechtspraak.nl