Rb. Den Haag 26 maart 2025, ECLI:NL:RBDHA:2025:5830
Verzoeken tot schorsing ex artikel 10:9 lid 1 Wvggz. De rechtbank verklaart verzoekster niet-ontvankelijk in haar verzoek tot schorsing van het toedienen van (depot)medicatie en wijst het verzoek tot schorsing van de opname in de accommodatie af. De rechtbank overweegt dat er geen sprake is van de toepassing van verplichte zorg in de vorm van het toedienen van (depot)medicatie middels een 8:9 Wvggz beslissing. Door de psychiater is toegezegd dat als verzoekster het depot weigert deze niet met dwang zal worden toegediend en verzoekster de medicatie ook oraal mag innemen. Ten aanzien van de opname in de accommodatie ziet de rechtbank onvoldoende aanleiding om te kunnen concluderen dat sprake is van een onjuiste beoordeling door de psychiater. Het risico op forensische recidive is groot waardoor behandeling in het ambulante kader wordt niet haalbaar geacht. De rechtbank ziet daarom geen aanleiding om gebruik te maken van haar (discretionaire) bevoegdheid tot schorsing van het besluit tot opname in de accommodatie in afwachting van de beslissing op het klachtverzoek.
De uitspraak op rechtspraak.nl