Rb. Den Haag 15 oktober 2025, ECLI:NL:RBDHA:2025:19174
De moeder van partijen heeft haar drie kinderen bij leven schenkingen gedaan, onder voorwaarde dat de kinderen de schenkingen gedurende haar leven in een onverdeelde gemeenschap aanhouden. Nu de moeder is overleden, vorderen de twee broers in conventie de verdeling van de gemeenschap. De rechtbank stelt de verdeling vast en wijst daarbij de vordering van de zus op de gemeenschap af. De zus stelt in reconventie verschillende vorderingen in die zien op de afwikkeling van de nalatenschap van de beide ouders. De reconventionele vorderingen van de zus zien onder meer op het grafrecht op het graf van de vader, de asbus met daarin de as van de moeder, de kosten van een grafmonument voor het graf van de vader en de kosten voor de uitvaart van de moeder. Ook vordert de zus afgifte of afschrift van een aantal bescheiden die grotendeels zien op de nalatenschappen van beide ouders. De reconventionele vorderingen worden deels toegewezen.
De uitspraak op rechtspraak.nl