Rb. Den Haag 9 april 2024, ECLI:NL:RBDHA:2024:5795
BPM. De naheffingsaanslag BPM is terecht en niet te hoog. Wel vernietigt de rechtbank de bij de naheffingsaanslag opgelegde verzuimboete. Normaliter legt verweerder in gevallen als hier aan de orde geen verzuimboete op. Verweerder heeft desgevraagd niet kunnen aangeven of in het onderhavige geval sprake is van bijzondere omstandigheden die het opleggen van de boete rechtvaardigen, dan wel van (nieuw) beleid op basis waarvan in alle gevallen als het onderhavige een boete wordt opgelegd. Dat betekent dat met het opleggen van een verzuimboete in dit geval verweerder in strijd heeft gehandeld met het algemeen beginsel van behoorlijk bestuur dat gelijke gevallen gelijk behandeld moeten worden. (Beroep in zoverre gegrond.)
De uitspraak op rechtspraak.nl