Rb. Den Haag 6 december 2024, ECLI:NL:RBDHA:2024:20323
Beroepen tegen ROV-maatregelen. Beroepen gegrond. Rechtbank ziet geen aanleiding voor onderzoek ter plaatse. Plaatsing in ROV-kamer is geen vrijheidsontneming. Rechtbank gaat uit van feitelijke verslaglegging van het COa. Maar de rechtbank is van oordeel dat wat in het bestreden besluit is beschreven over een tweede escalatie niet concreet is verwoord en ook niet concreet is onderbouwd, als gevolg waarvan dat onderdeel niet deugdelijk is gemotiveerd en niet aan eiser mag worden tegengeworpen. Wat de gemachtigde van het COa ter zitting naar voren heeft gebracht is niet terug te lezen in de in het procesdossier aanwezige stukken. Ook deze door het COa op zitting aan eiser verweten gedragingen, kunnen dus niet aan eiser worden tegengeworpen. Het COa heeft de kwalificatie van de aan eiser tegengeworpen gedragingen niet deugdelijk gemotiveerd. Het COa heeft gelet op het Maatregelenbeleid, de aan eiser tegengeworpen incidenten ten onrechte gekwalificeerd als incidenten met een grote of zeer grote impact.
De uitspraak op rechtspraak.nl
Aangehaalde artikelen
Aangehaalde uitspraken
- ABRvS 11 september 2024, ECLI:NL:RVS:2024:3565
- Rb. Den Haag 26 april 2024, ECLI:NL:RBDHA:2024:6355
- Rb. Den Haag 16 februari 2024, ECLI:NL:RBDHA:2024:1889
- Rb. Den Haag 25 april 2023, ECLI:NL:RBDHA:2023:5921
- Rb. Den Haag 3 februari 2023, ECLI:NL:RBDHA:2023:1079
- Rb. Den Haag 10 juli 2020, ECLI:NL:RBDHA:2020:6252